Vraag
- De bouwsector
- De ICT sector
- De financiƫle sector
Aanpak
- Stap 1 - Haalbaarheid
- Stap 2 - Besluitvorming
- Stap 3 - Uitvoering
Wetenschappelijke basis
Vraag

Van Staveren Risk Managementricht zich op het beantwoorden van één vraag:

Hoe wordt risicomanagement écht ingebed in de organisatie?

Het enorme aanbod van boeken, artikelen en cursussen over risicomanagement laat deze vraag nog steeds grotendeels onbeantwoord. Veel adviesbureau’s hanteren een voornamelijk instrumentele benadering voor risicomanagement. Ook in de wereld van de wetenschap is de implementatie vraag nauwelijks onderzocht. Het maatschappelijke belang van deze vraag is echter fors. Dit geldt bijvoorbeeld voor de bouwsector en de financiële sector.

Terug naar boven ^
- De bouwsector

De bouwsector kampt met een aantal structurele problemen. Dit zijn het te vaak en te veel optreden van kostenoverschrijdingen (aanleg van de Betuweroute), bouwschade (verzakkingen bij de Noord-Zuidlijn Amsterdam, neergestorte balkons in Maastricht), overlast (heiwerk in Eindhoven), en tijdsoverschrijdingen (vertraging ingebruikname van de HSL en de tunnels in de A73 bij Roermond).

Dergelijke problemen gaan ten koste van de winstgevendheid van de bouwbedrijven, die met gemiddeld 2 % tot 4 % toch al kwetsbaar is. Uit onderzoek van het Economisch Bureau van ING volgt bijvoorbeeld dat de infra-bouwers in Nederland jaarlijks 100 tot 200 miljoen euro kunnen besparen, door effectiever met risicomanagement om te gaan. Uit hetzelfde onderzoek uit 2009 onder 300 bedrijven bleek overigens geen van die ondernemingen te beschikken over een aparte risicomanager of risicocoördinator.

Daarnaast is een aanzienlijk aantal publieke opdrachtgevers onvoldoende in staat om in bouwprojecten grip te houden op de publieke zaak. Zo heeft de Commissie Veerman medio 2009 de Noord-Zuidlijn doorgelicht, naar aanleiding van de problemen met de bouwputten voor de diepe stations. In het eindrapport Bouwen aan Verbinding staat op pagina 17:

“… Desondanks kan voortzetting van de aanleg in de visie van de Commissie niet zonder wezenlijke verbetering van het risicomanagement.”

Deze voorbeelden illustreren de behoefte in de bouwsector aan een antwoord op de vraag:

Hoe wordt risicomanagement écht ingebed in de (project)organisatie?

Terug naar boven ^
- De ICT sector

Evenals de bouw kampt ook de ICT sector in nogal wat projecten met forse overschrijdingen in tijd en geld. Budgetoverschijdingen van 30 tot 60 %, of meer, zijn geen uitzondering en halen met enige regelmaat de media. Dit geldt voor zowel publieke als private organisaties. Effectief risicomanagement, vooral in de beginfase van ICT projecten, kan de kans op overschrijdingen in tijd en geld, en al het gedoe voor dat daar bij hoort, in de latere projectfasen fasen aanzienlijk verlagen. Dit vereist de nodige aandacht voor de implementatie van risicomanagement in ICT projecten, bij voorkeur al in de vroegste projectfase.

Terug naar boven ^
- De financiële sector

In oktober 2008 is er een wereldwijde financiële crisis. uitgebroken De hypotheekcrisis in de Verenigde Staten genereerde een wereldwijd sneeuwbal effect. Na het faillissement van Lehman Brothers zijn alleen al in de Verenigde Staten meer dan 40 banken failliet gegaan. In Nederland hebben we de problemen met bijvoorbeeld ABN-AMRO, Fortis, ING, DSB en AFAB gehad. Hoewel in de loop van 2010 voorzichtig herstel blijkt te zijn opgetreden, blijft er onzekerheid in de financiële markten. Verontrustend is dat bepaalde lessen niet geleerd blijken, zoals het verstrekken van onevenredig hoge bonussen aan personen die zelf vrijwel geen risico lopen.

De Commissie Maas heeft in het voorjaar van 2009 het eindrapport Naar Herstel van Vertrouwen uitgebracht, met aanbevelingen voor hervormingen van banken. Eén van de aanbevelingen betreft de aanstelling van een Chief Risk Officer (CRO), die zitting zou moeten krijgen in de raad bestuur van een bank. In een nieuwsanalyse van NRC Handelsblad van dinsdag 7 april 2009 wordt daarover opgemerkt:

“…Dat lijkt logisch omdat het het belang van risicomanagement lijkt te erkennen, maar kan ook een lege huls blijken als het risicomanagement elders in de organisatie niet goed functioneert”.

Dit illustreert ook in de financiële sector, anno 2011, de behoefte aan een antwoord op de vraag:

Hoe wordt risicomanagement écht ingebed in de organisatie?

Terug naar boven ^
Aanpak

Van Staveren Risk Management heeft een innovatieve aanpak voor het implementeren en professionaliseren van risicomanagement in organisaties, die kan worden samengevat in twee woorden:

Specifiek en pragmatisch

Managers en professionals in organisaties worden geholpen om effectiever en efficiënter om te gaan met risico’s in hun dagelijkse werk. Dit vereist oog en oor voor de factor mens in de context van de organisatie. Het risicomanagement moet gewoon werken in de praktijk, als middel om de gestelde organisatiedoelen te realiseren.

De aanpak voor het inbedden van risicomanagement in organisaties bestaat uit drie stappen, die in de juiste volgorde dienen te worden gezet: (1) haalbaarheid, (2) besluitvorming en (3) uitvoering.

Terug naar boven ^
- Stap 1 - Haalbaarheid

In stap 1 wordt concreet gemaakt waarom de professionalisering van risicomanagement in een organisatie een eerste of volgende stap nodig heeft en wat daar voor nodig is.

Hiervoor worden de doelen van de organisatie, materieel of immaterieel, in kaart gebracht en gerelateerd aan concrete doelstellingen voor het te implementeren risicomanagement. Ook wordt de mate van rijpheid van de organisatie (structuur en cultuur) en van de managers en professionals (motivatie en betrokkenheid) voor het toepassen van risicomanagement bepaald en geanalyseerd.

Verder worden de eventueel al aanwezige risicomanagement methoden en instrumenten in kaart gebracht met betrekking tot hun beschikbaarheid en toepasbaarheid in de betreffende (project)organisatie.

Dit geeft inzicht in de benodigde interventies om de implementatie van risicomanagement daadwerkelijk de beoogde stap verder te brengen. De resultaten van de inventarisatie op haalbaarheid worden verwoord in een beknopte rapportage of presentatie, inclusief een set concrete en haalbare aanbevelingen.

Terug naar boven ^
- Stap 2 - Besluitvorming

Stap 2 betreft de expliciete besluitvorming, door management, directie of bestuur, om de beoogde (volgende) stap met de professionalisering van risicomanagement al dan niet te maken. Dit kan met risicomanagement op disciplineniveau, op projectniveau, of met organisatiebreed risicomanagement. De resultaten van Stap 1, de haalbaarheid van de implementatie van risicomanagement, is de basis voor de besluitvorming.

Door dit expliciete besluit verplichten management, directie of bestuur zich tot het daadwerkelijk mogelijk maken van de uitvoering van het besluit, dus bijvoorbeeld met voldoende middelen. Een dergelijk expliciet besluit, op hoog niveau in de organisatie, voorkomt dat de implementatie van risicomanagement in de organisatie (te) vrijblijvend blijft en daardoor niet van de grond komt.

Terug naar boven ^
- Stap 3 - Uitvoering

In stap 3 wordt het besluit van stap 2 uitgevoerd. Het gaat hierbij om het combineren van de resultaatgerichtheid van een projectmatige aanpak met de flexibiliteit van een procesmatige aanpak.

De focus is op het ontwikkelen van de motivatie en betrokkenheid van verschillende groepen potentiële gebruikers van risicomanagement en op het scheppen van de juiste organisatorische voorwaarden om dat te bereiken. De gebruikers van risicomanagement zijn zowel managers als professionals. Er is hierbij veel aandacht voor het bereiken van een routinematige toepassing van risicomanagement in de al bestaande werkprocessen van de organisatie.

Rollen, taken en verantwoordelijkheden voor de toepassing van risicomanagement worden expliciet gemaakt. Afhankelijk van de behoeften worden methoden, procedures, protocollen en ondersteunende instrumenten voor het routinematig toepassen van risicomanagement in de primaire werkprocessen van de organisatie ontwikkeld, aangeschaft of aangepast.

De voortgang van de uitvoering wordt gevolgd en waar nodig bijgestuurd. Tevens wordt periodiek kritisch beoordeeld, in hoeverre de doelstellingen om de volgende stap(pen) met risicomanagement te zetten, zoals geformuleerd in de haalbaarheidsfase, daadwerkelijk worden gerealiseerd. Op deze wijze wordt de kans dat het risicomanagement in de organisatie voldoet aan de verwachtingen van de betrokkenen gemaximaliseerd.

Terug naar boven ^
Wetenschappelijke basis

De aanpak van Van Staveren Risk Management is gebaseerd op recent uitgevoerd wetenschappelijk onderzoek naar de implementatie van risicomanagement in organisaties. Dit onderzoek is uniek. Wereldwijd was nog geen wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd, dat zich specifiek op dit onderwerp richt.

In het onderzoek zijn honderden belemmeringen en voorwaarden voor de routinematige toepassing van risicomanagement in organisaties in kaart gebracht. Door het combineren van kennis vanuit risicomanagement, innovatiemanagement en verandermanagement, met ervaringen van experts uit binnen- en buitenland, is een innovatieve aanpak ontwikkeld voor het implementeren van risicomanagement in organisaties.

Een opvallend aspect  van de ontwikkelde aanpak is het onderscheid tussen diverse groepen risicomanagement gebruikers, zowel managers als professionals. Dit zijn de pioniers, de vroege vogels, de vroege volgers, de late volgers en de achterblijvers. Elk van deze groepen heeft een dominant aspect dat hun motivatie en betrokkenheid bepaalt.

Erkenning van deze dominante aspecten, zoals autonomie, ratio en emotie, zijn van belang bij het scheppen van de juiste organisatorische voorwaarden voor het implementeren van risicomanagement. Deze voorwaarden betreffen kenmerken van de organisatiestructuur en de organisatiecultuur. Dergelijke voorwaarden moeten in voldoende mate in de organisatie aanwezig zijn, om risicomanagement daadwerkelijk te kunnen integreren in de primaire werkprocessen van een organisatie.

Het onderzoek naar de implementatie van risicomanagement in organisaties is uitgevoerd binnen het onderzoeksprogramma van Delft Cluster, waarin Deltares, TNO, de Universiteit Twente en de Technische Universiteit Delft hebben deelgenomen. Martin van Staveren was de onderzoeksleider van dit onderzoek en is er in april 2009 op gepromoveerd. Het proefschrift is kosteloos te downloaden en is tevens als boek  gepubliceerd.

Terug naar boven ^